presentatie

Overtuigen

overtuigen d29b6

1 Corinthiërs 2:4,5 En mijn spreken en mijn prediking bestonden niet in overtuigende woorden van menselijke wijsheid, maar in het betonen van geest en kracht, opdat uw geloof niet zou bestaan in wijsheid van mensen, maar in kracht van God.

In de wereld van het Nieuwe Testamant legden de wijsgeren zich toe op de vaardigheden van overtuiging. Zij hadden daarvoor drie middelen.

  • De logos
  • Ethos
  • Pathos

De logos is, eenvoudig gezegd, de logica van het verhaal: de kracht van de argumenten.

Ethos gaat over hoe de spreker overkomt: deugt hij, is hij te vertrouwen?

Pathos gaat over de emoties die worden aangesproken.

Als die drie in orde in, zijn alle factoren aanwezig om iemand te overtuigen. Ook voor de prediker valt uit deze trits veel te leren. Een gloedvolle toespraak (pathos) zonder veel inhoud en samenhang (logos), door een slordig levende spreker (ethos) komt niet aan. Een zeer integer persoon (ethos) die een vlak verhaal houdt (pathos) met nauwelijks inhoud (logos) komt evenmin over.

Overtuigen is een belangrijk woord in het Nieuwe Testament: een gelovige is een overtuigde. Maar Paulus doet iets merkwaardigs: hij neemt afstand van de klassieke trits van overtuiging. Werkelijke prediking komt met andere middelen: met betoon van geest en kracht. Het evangelie is niet van een mens of door een mens. Het zou niet in een mensenhart zijn opgekomen. Menselijke redeneerkunst kan niets beginnen met de gekruisigde Christus. Om mensen te overtuigen is de kracht van de Geest nodig.

Gods kracht.

Eenvoud?

Metropolitan Custom 9d83c

Een predikant bezocht de samenkomst van Spurgeon in de Metropolitan Tabernacle. Hij verwonderde zich over de eenvoud van de samenkomst. Er werd door de gemeente van rond de zesduizend mensen (!) gezongen zonder instrumenten. Er was alleen een voorzanger met een stemvork, die de gemeente leidde in samenzang. Verder was er gebed, een zeer uitgebreide Bijbellezing en uiteraard prediking.

Dat was alles.

Deze samenkomst trok iedere zondag grote aantallen, zoveel dat op gezette tijden de gemeenteleden werd verzocht thuis te blijven, zodat ook anderen het evangelie konden horen.
Het waren andere tijden? Zeker. Maar ook al in Spurgeons tijd nam men de soberheid van de samenkomst met verbazing waar.

Zit de kwaliteit van een samenkomst misschien ergens anders in?

Cabaret?

cabaretklein 18cfb

 

Een bekende cabaretier verklaarde eens dat hij niet leuk was: niet hij, maar zijn materiaal was leuk. Als hijzelf leuk ging worden, ging het mis.

Voor predikers is deze uitspraak leerzaam. We zien nog veel te vaak predikers die krampachtig proberen boeiend te zijn. Een pijnlijk schouwspel.

Niet de prediker is boeiend, zijn ‘materiaal’ is het: het evangelie, het woord van God.

Wanneer dat woord in rijke mate in de prediker woont, is boeien geen vraagstuk meer. Met een boeiende bewoner krijg je vanzelf een boeiend huis.

Colossenzen 3:16  Laat het woord van Christus in rijke mate in u wonen, in alle wijsheid.

Het belang van de Schriftlezing

Misschien onderschatten we wel eens het belang van het voorlezen. Soms hoor je een prediker die door zijn Bijbelgedeelte raast, waardoor je de indruk krijgt dat hij het lezen als een hinderlijk, verplicht nummer beschouwt, waar hij snel doorheen moet. Daarna kan hij aan het echte werk, het preken beginnen.

Het samen luisteren naar een goed voorgelezen gedeelte heeft echter een bijzondere kracht. Denk aan de voorlezing uit de wet door Ezra, de priester en schriftgeleerde, met het verpletterende resultaat:

Nehemia 8:8  Zij lazen uit het boek voor, uit de wet van God, gaven uitleg en verklaarden de betekenis, zodat men de voorlezing begreep.

Wat kreeg Timotheüs als opdracht?

1 Tim 4: 13 Blijf bezig met het voorlezen, met het vermanen, met het onderwijzen, totdat ik kom.

Bezig met het voorlezen…


Dat was een essentieel onderdeel van zijn werk. Het voorlezen was een belangrijk onderdeel in de synagoge. Het valt me op dat het voorlezen van een Bijbelgedeelte met name in evangelische kring steeds minder voorkomt. Er wordt veel gezongen. Er wordt gesproken. Er is gebed. Maar met elkaar eendrachtig luisteren naar het Woord van God lijkt naar de achtergrond te verdwijnen.
Helaas wordt er vaak (als er dan wordt voorgelezen) slecht voorgelezen. Eentonig. Vaak veel te snel.


Wat is goed voorlezen?

  • Verstaanbaar
  • Rust: van een haastig voorgelezen tekst blijft niets hangen.
  • Ontspannen: blijf ontspannen. Luisteren naar een gespannen stem is onprettig.
  • Natuurlijk: sla geen raar toontje aan. Dat wekt ergernis op.
  • Articulatie: beweeg mond, lippen en tong.
  • Spreek duidelijk
  • Tempowisselingen: Durf tempo terug te nemen.Emotie mag doorklinken in je stem. Vooral wanneer gesproken wordt in het gedeelte. Leef mee.
  • Melodie: gebruik de klank van je stem. Gebruik ook hoog en laag. Kleur het gedeelte met je stemklank.

Laat de Schriftlezing een gebeurtenis zijn.

Onhandige sprekers?

 gebaar

Er leuk om te zien: een gsm’er. Mobieltje aan het oor en druk gebarend.
Die gebaren zijn welbeschouwd nergens voor nodig. De gesprekspartner aan de andere kant van de lijn ziet immers niets. Maar de gebaren zijn ook niet voor de luisteraar, maar voor de spreker zelf. Wie zijn handen gebruikt, komt makkelijker op woorden. Er komt makkelijker ritme in een zin.

Soms kan een kleine beweging een woord of zelfs een hele zin vervangen.
Dus gebaren helpen niet alleen de luisteraar (visuele ondersteuning), maar ook de spreker. 

Als je gewend bent te spreken met hangende handen naast je lichaam, of leunend op een katheder, is er nog een wereld te winnen. Spreken zonder gebaar kan echt niet. Weg dus met die spreekonhandigheid!

Lezen of spreken?

uitgeschreven

Hoe spreek je?

Tegenwoordig hoor je nogal eens over een mindmap. Ongetwtijfeld een goede methode, maar ik kan me voorstellen dat niet iedereen ermee uit de voeten kan. 

 

Uit het hoofd spreken heeft het voordeel dat je tot de mensen spreekt. Helemaal uit het hoofd spreken is echter niet altijd verstandig. Ik herinner me een fantastische prediker, die op zondagmorgen koorts kreeg en niet meer wilde afzeggen. Hij was gewend altijd en overal zonder papier te spreken. Door zijn grieperigheid lukte het niet zijn concentratie en het overzicht over zijn stof te bewaren. Het werd een warboel.

 

Geheel vastzitten aan papier is niet wenselijk. Weinigen kunnen goed voorlezen. Bovendien belemmert papier de communicatie. Het luisteren naar een preek is een subtiel samenspel tussen prediker en toehoorders. De prediker speelt in op zijn toehoorders en omgekeerd. 

 

Veel opschrijven tijdens de voorbereiding helpt wel om het formuleringsvermogen te scherpen en om greep op de stof te krijgen.

 

Een schema dat niet te uitgebreid is voorkomt vastlopen, bevordert de vrije communicatie en de daarbij horende levendigheid.

 

Preken is een vorm van spreken en niet van schrijven.

Ongelovigen?

ongelovigen

Wat gaat er gebeuren als ieder gemeentelid een ongelovige als gast meeneemt naar de kerkdienst?

Zouden we daar blij mee zijn, of juist opgelucht als iedereen weer naar huis is?

 Zouden we het willen?

Geloven we wel dat we hen iets onvergelijkbaars te bieden hebben?

 Zo niet, wie zijn dan eigenlijk de echte ongelovigen in de kerk?

Illustraties

vuistvechter

 

Illustraties zijn noodzakelijke onderdelen van een preek. Hoe kan je onderwijs geven zonder voorbeelden?

De Bijbel zelf staat vol met illustraties:

  • Jesaja 49:15  Kan ook een vrouw haar zuigeling vergeten, dat zij zich niet ontfermen zou over het kind van haar schoot? Al zouden zij die vergeten, toch vergeet Ik u niet.
  • Wie het offer van Christus wil begrijpen zal iets van de oudtestamentische offers moeten weten.
  • De tabernakel is een prachtig voorbeeld van Gods verlossingswerk
  • De geschiedenissen
  • De gelijkenissen

Er schuilt wel een gevaar in het gebruik van illustraties: de preek mag nooit een aaneenschakeling van voorbeelden zijn. De plaatjes dienen slechts om de boodschap te verhelderen. Het is verkeerd als de voorbeelden de boodschap worden.


Een ander gevaar is dat de vergelijking te extreem doorgetrokken wordt. John Stott beschrijft een prediker die verklaart dat God lijkt op een kip. Immers: ‘hoe dikwijls heb Ik uw kinderen willen vergaderen, gelijk een hen haar kuikens onder haar vleugels’. Hier vliegt de prediker uit de bocht: de kip is geen beeld van God, maar Gods ontferming is te vergelijken met de ontferming van een kip die haar kuikens vergadert.

 

Als je een voorbeeld geeft, moet het natuurlijk wel een voorbeeld zijn.

Vertel?

 vertellen

Preken blijft vaak steken in abstracties: gerechtigheid, barmhartigheid, verbond. Je 'ziet' er niet onmiddellijk iets bij. Een groot deel van de Bijbel is echter concreet. Het zijn geschiedenissen. Geschiedenis moet worden verteld. Een goede verteller doet een beroep op de zintuigen. Hij laat méébeleven: zien, voelen, horen, ruiken en proeven. "Ik zág het gewoon voor me..."

Ook Jezus' gelijkenissen zijn vertellingen. 

Zouden we het vertellen niet meer moeten inzetten bij onze prediking? Een goed verhaal maakt vaak meer duidelijk dan een doortimmerd betoog.

De vertelling moet wel voortvloeien uit de tekst. Een preek mag nooit een aaneenschakeling van verhaaltjes en anekdotes worden. De vertelling moet de tekst verhelderen, niet opsmukken.

We zijn tenslotte niet geroepen om de mensen te amuseren, maar om de boodschap over te brengen.

Psalmen 96:3  Vertelt onder de volken zijn heerlijkheid, onder alle natiën zijn wonderen.

Leren?

leren

Hoe leren mensen?

Eerst het geheel, dan de delen. Zo nemen we ook waar: eerst het hele huis, daarna zien we pas het luikje.

Voor het geheugen is het grote geheel belangrijk. Het is een kapstok waaraan de onderdelen opgehangen kunnen worden.

Als er geen samenhangend geheel; is, is onthouden veel moeilijker. Bekijk een berg vuilnis, loop weg en probeer te benoemen wat er ligt.

Het lukt je nauwelijks. Het is een chaos zonder samenhang.

Samenhang in een preek is noodzakelijk. Het mag nooit een opstapeling worden van ‘losse’ onderwerpen.

Er moet een groter verband zijn.

Zonder dat gaan mensen met een chaos naar huis.

                                                                    

Tone of voice belangrijk?

overlijdensberichten

Een preek kan inhoudelijk prima zijn, maar bedorven worden door de toon. Als die niet in harmonie is met de boodschap, klinkt het vals. De boodschap is verheven. Niets is te vergelijken met onze Heer! Alles valt naast Hem in het niet. Toch heeft de boodschap ook alles te maken met ons gewone, dagelijks bestaan.

Daarnaast is het evangelie ook een boodschap van redding. Redding houdt ernst in. Ooit wel eens brandweerlieden gezien die hikkend van het lachen iemand uit een brandend huis haalden?

  • Een lollige wijze van presenteren harmonieert niet met de ernst van de boodschap.
  • De grafstem hoort niet bij de vreugde van het evangelie.
  • Misplaatste humor is pijnlijk. 
  • Populair taalgebruik detoneert met de grootsheid van de boodschap. 
  • De galmende tale Kanaäns staat veraf van het alledaagse leven.
  • Het spreekwoordelijke en beruchte preektoontje roept weerzin op. 

De juiste toon van preken vinden valt niet mee.

Preken is pittig.

Filippenzen 1:9, 10 En dit bid ik, dat uw liefde nog steeds meer overvloedig moge zijn in helder inzicht en alle fijngevoeligheid,
om te onderscheiden, waarop het aankomt.

Keuvelen?

keuvelenEen prediker moet 'gewoon' kunnen praten op de kansel. De typische preektoon vervreemdt. Door de merkwaardige toonzetting komt de boodschap los te staan van het dagelijks leven.

Het andere uiterste is dat de preek vervalt tot gekeuvel. De prediker staat wat te babbelen. Genoeglijk te kletsen.

Prediking blijft altijd: met gezag verkondigen. Het gaat over de grondslagen van het bestaan. Het gaat over leven en dood. Over redding of verloren gaan.

Bij deze ernst past geen gekeuvel.

Het idee: 'Hij opende die en zette voor hen uiteen dat de Christus moest lijden en opstaan uit de doden, en dat deze Jezus de Christus is, over Wie ik met u keuvel...'

Nee!

Handelingen 17:3  Hij opende die en zette voor hen uiteen dat de Christus moest lijden en opstaan uit de doden, en dat deze Jezus de Christus is, Die ik- zo zei hij - u verkondig.

Goed gestemd?

orenZeer vermoeiend is het als een spreker zich een heel onnatuurlijke spreekstijl heeft aangeleerd. Berucht is de 'domineesgalm', die je nog wel een enkele keer hoort: “En so-ho-ms is er een weg (lichte snik) – die je allee-heen moet gaan (stem naar beneden…)”. ’t Is geen gehoor. Tenenkrommend. De luisteraars hebben ook niet echt het idee dat tegen hen wordt gesproken.  Op zo’n toon praat niemand tegen hen. Het gesprokene kan nooit met hun dagelijks leven te maken hebben.
Er zijn logopedisten die kunnen helpen om weer normaal te praten achter het katheder. Het kost wat, maar het is geen weggooid geld.


Sommige predikers gaan van de misvatting uit dat het een teken van kracht is om keihard te spreken. Ze laten de technicus graag de geluidsknop nog wat verder opendraaien en loeien hun boodschap de zaal in. Behalve aan hun preek brengen ze daarmee ook de trommelvliezen van de toehoorders ernstige schade toe. Er vindt een omgekeerd wonder plaats: de mensen komen horend binnen en verlaten doof de zaal.

 

Overigens moet wel opgemerkt worden dat spreken in het openbaar niet kan zoals je converseert in de huiskamer. Wanneer je op de kansel spreekt op dezelfde manier als waarop je met een vriend in de huiskamer van gedachten wisselt, zal de zaal zachtjes in slaap sukkelen.
Om natuurlijk
over te komen in een zaal, moet je leren net iets anders te spreken dan je in het dagelijks leven doet. Dat is de vreemde paradox. Alles is net een beetje meer aangezet, waardoor het in een zaal precies goed klinkt.


Je moet dus net zolang oefenen tot het natuurlijk is geworden.

Presentatiefouten?

resultaten

Een prediker die nadenkt over presentatie loopt een bepaald gevaar: hij kan zich zo verliezen in zijn optreden, dat hij een soort acteur wordt. Dat is kwalijk. Een preek is geen opvoering of kunststukje; het gaat om de inhoud:  de boodschap. 

 

Ga 1:10  Tracht ik thans mensen te winnen, of God? Of zoek ik mensen te behagen? Indien ik nog mensen trachtte te behagen, zou ik geen dienstknecht van Christus zijn.

De toehoorder staat op gespannen voet met het doel van de preek. Als zondaars zich tijdens een prediking over zonde buitengewoon amuseren en zich na afloop uitermate tevreden richting de uitgang reppen, is er iets niet helemaal goed gegaan. Prediking is niet bedoeld om mensen een aangenaam uur te bezorgen. Prediking mag nooit amusement zijn! Christus staat centraal.

 

Toch is presentatie belangrijk:  presentatiefouten kunnen schade doen aan de boodschap. Een prediker die voor zijn toehoorders verschijnt met versleten spijkerbroek en een ongestreken ruitjesoverhemd (of nog erger: een kreukelig, verwassen T-shirt!), loopt ernstige risico's niet serieus genomen te worden. Zijn kleding geeft onmiddellijk de indruk van onverschilligheid. Een vertegenwoordiger van een groot bedrijf zul je geen persconferentie zien geven in bermudashorts en een hawaïhemd. Niets ten nadele van deze kledingstukken, maar ze passen gewoon niet bij zijn functie. Ze communiceren de boodschap: 't Maakt allemaal niets uit.

 

Ze benadelen de boodschap.

Het evangelie maakt juist wel iets uit.

Bewogen of bewegen?

billy sunday caricature

Uit onderzoek blijkt dat communicatie bestaat uit:

  • 55% lichaamstaal
  • 38% stem (klank)
  • 7% woorden

Conclusie 93% van onze communicatie vindt non-verbaal plaats.

 

Toch staan we er als predikers vaak bij als houten klazen. Daarmee laten we erg veel mogelijkheden liggen. Het is ook weer niet de bedoeling dat we als razenden over het podium rond gaan rennen. De voor de Tweede Wereldoorlog bekende evangelist Billy Sunday, de voorloper van Billy Graham, was berucht. Als hij sprak, haalde men de stoelen uit zijn nabijheid weg: hij sloeg er in zijn enthousiasme gemakkelijk eentje stuk. Bovenstaande cartoon stak de draak met de overbeweeglijkheid van Sunday.

 

Zulk overdadig bewegen is grotesk. Het bevordert de communicatie niet. Dat irriteert. Een prediker die als een mus voortdurend ergens anders in de zaal rondhipt (nu eens achter het katheder, even later tussen de voorste rijen, dan weer links, ten slotte geheel rechts), werkt vermoeiend.

 

Goed gebruik van het lichaam, is echter geen overbodige luxe. Wie durft te spreken met lichaam, gezicht en handen, vertelt twee keer zoveel. Wat is het goed als ons bewegen laat zien wat ons beweegt!

 

Prediker, laat je zien!

Is de vorm van een preek belangrijk?

supermarktHet is lastig om twee armen vol met losse boodschappen mee te nemen uit de supermarkt. Je hebt behoefte aan iets dat de boodschappen bij elkaar houdt, een samenbindend geheel: een tas, een doos, een krat.

Bij een preek is het niet anders. Als je een aaneenschakeling hebt van losse stukjes, is de boodschap niet mee te nemen naar huis.

Een prediker die zijn toehoorders van genade via heiliging, dorst, overwinning, hemel en wijsheid naar nederigheid voert (en in het voorbijgaan ook nog de levens van Abraham, Paulus, David en Daniël behandelt), laat hen achter met een onhanteerbare warboel.

 

Het is de taak van de prediker de verkondiging be-grijp-elijk te maken, in de letterlijke zin: zodanig dat je er greep op hebt. Dat heeft dus gevolgen voor de vorm van de preek.

 

Mijn verlanglijstje: een preek met een centrale vraag, die ordelijk behandeld wordt. Dan heb je iets in handen. Geen losse stort graag.

Mag er een tasje bij?

Of is dat te veel gevraagd?

Lukas 2:19  Doch Maria bewaarde al deze woorden, die overwegende in haar hart.

Zwakke krachtpunten?

PPpreek

Geweldige uitvinding, dat PowerPoint, maar soms is het alleen maar storend. Het kan enorm afleiden. Nog steeds zie je presentaties, waarbij vrijwel het gehele scherm gevuld is met woorden.
Dat vraagt een bovenmenselijke prestatie van je toehoorders: ze moeten zowel lezen als tegelijkertijd luisteren. Wie is tot zulk een taak bekwaam?
Zulke uitgebreide PowerPoints verzwakken eerder de boodschap dan dat ze er power aan toevoegen.
Er is wel eens gesuggereerd om PowerPointgebruikers een euro per woord aan een goed doel te laten overmaken. Geen gek idee. Drie regels van drie woorden per sheet is al veel. Drie sheets zou eigenlijk het maximum moeten zijn.
En misschien is het een sterk punt om helemaal geen PowerPoint te gebruiken.

Presentatie?

presentatie2Presentatie begint met de inhoud. Als er geen inhoud is, heb je niets aan de allerbeste presentatie. Het is van vitaal belang dat een prediker zich zo grondig mogelijk heeft voorbereid. 

Een prediker die nadenkt over presentatie loopt een bepaald gevaar: hij kan zich zo verliezen in de aankleding, dat hij een soort acteur wordt. Dat is kwalijk. Een preek is geen opvoering of kunststukje; het gaat om de inhoud:  de boodschap. Presentatie is maar een heel klein onderdeel van het preken.

Is het daarom wel nodig om na te denken over presentatie?

 

Ik denk het wel. 

 

Moet een prediker nadenken over presentatie? Ja. De predikers die dit achterwege laten met het argument dat het gaat om het Woord en om niets anders, slaan de plank grondig mis.

Inhoudelijk voortreffelijke preken sneuvelen vaak jammerlijk door een belabberde presentatie. Steeds geldt: je moet eerst het oor bereiken, voor het hart bereikt kan worden.

 

Dat laatste is uiteindelijk het werk van de Heilige Geest, niet van ons.

Enthousiasme?

enthousisasmeIs het prettig om te moeten luisteren naar een saaie, zenuwachtige, ongeïnteresseerde spreker, die allerlei signalen uitzendt dat hij dit liever niet doet? Het is afschuwelijk. Je krijgt het benauwd van zo'n man.

Het is heerlijk als iemand enthousiast is over wat hij zegt. Helemaal betrokken is bij zijn onderwerp.
Enthousiasme is de helft van communicatie.
Een spreker kan veel verkeerd doen, maar zijn enthousiasme compenseert alles!

Er is echter een maar.
Enthousiasme terwijl er geen inhoud is, is irritant.
Irritant en dom.

Dus: inhoud en enthousiasme.
En is dat enthousiasme zo moeilijk, als je het hebt over een fantastische boodschap als het evangelie ? Lijkt me niet.

    Rom 12:11 ... in ijver onverdroten, vurig van geest, dient de Here.

Boeiend?

boeiend

Het blijft een lastig dilemma: moet een prediker proberen boeiend te zijn? Nee. Niet hij is boeiend, het is zijn boodschap. Bovendien: het evangelie mag nooit entertainment worden. Als mensen aangenaam onderhouden worden met de verkondiging is er iets mis.

De andere kant: soms wordt het evangelie zo wollig en zo saai gebracht, dat er niets van overkomt bij de toehoorders.

De vraag: is de prediker dan wel doordrongen van zijn boodschap? En als hij het wel is, kan hij eigenlijk nog saai zijn?

welkom

Een site over preken.
In kleine stukjes komen belangrijke vragen aan de orde:

 

  • Wat is preken?
  • Wat is een goede preek?
  • Kan iedereen preken?
  • Hoe moet je preken?
  • Hoe bereid je je voor?
  • Welke randverschijnselen zijn van belang?

 

Bladert u rustig door de site.

zoeken

alle artikelen

log in